Geslaagd pilootproject voor sanering kwikverontreiniging

08 sep

Tussen 2002 en 2004 startte de OVAM met een bodemonderzoek de sanering van de kwikverontreinigingen op de vroegere site van haarsnijderij Jourdes in Lokeren. We werkten via ontgraving van de grond gevolgd door een onttrekking van het verontreinigde grondwater. Na twee jaar pompen en zuiveren bleek dat kwik geen chemisch element was die zich vlot liet verwijderen. Daarom werd de onttrekking stopgezet en startten we een monitoring op. Uit het bodemonderzoek bleek dat het kwik zich niet verder leek te verspreiden, maar er werd geen afname van de kwikgehaltes vastgesteld.
In 2013 werd een laboproef uitgevoerd om de haalbaarheid te testen van een gestimuleerde vastlegging van kwik. Van de verschillende substraten die werden getest bleek protamylasse de beste resultaten op te leveren. Dat is een nevenproduct dat vrijkomt bij de bereiding van aardappelzetmeel uit fabrieksaardappelen. Het substraat draagt bij tot het creëren van omstandigheden waarbij sulfaat wordt omgezet tot sulfide en waarbij het kwik dat in de vorm van een oplossing in het grondwater aanwezig is, wordt neergeslagen in de vorm van kwiksulfide.
Een veldproef en bodemonderzoek diende vervolgens uit te wijzen of dit principe ook op het terrein succesvol was. Daarvoor werd een protamylasseoplossing met behulp van direct push rechtstreeks in het grondwater geïnjecteerd tot een diepte van 8 meter. Op dit moment zijn er twee injectierondes afgerond, telkens gevolgd door een monitoring.
Kwikgehalte gedaald
Voor de tweede injectieronde werd besloten om de protamylasse met een grotere verdunningsfactor toe te passen, namelijk 1:2. De injectie werd vlak buiten het pand uitgevoerd, stroomopwaarts van de verontreinigingsvlek. De daaropvolgende monitoring toonde aan dat de injectie meetbaar was tot circa 3 meter stroomafwaarts van de injectiezone. De kwikgehaltes op een diepte van 5 à 7 meter daalden tot 10 à 20 procent van de waarden gemeten bij de nulmonitoring vóór injectie.
Het minder uitgesproken effect in de peilbuizen met snijdende grondwaterfilter kan verklaard worden door de aanwezigheid van funderingen of het feit dat het ondiepe grondwater hogere zuurstofgehaltes bevat, wat niet bevorderlijk is voor de vorming van de noodzakelijk sulfides.
Gezien de positieve resultaten overwegen we om de injectie uit te voeren over de gehele grondwaterpluim. In dat geval is het aanbevolen om de kwikverontreiniging in het grondwater grondig in kaart te brengen.
Om de effecten op lange termijn te kennen, moeten we het gebied gedurende langere tijd monitoren. Maar uit het proefproject blijkt alleszins het positieve effect van de injecties op de korte termijn.

Bron OVAM nieuwsbrief