Vlaanderen en Nederland denken samen na over aanpak van nieuwe verontreinigende stoffen

17 okt

Steeds vaker worden in bodems, grondwater en waterbodems verontreinigende stoffen ontdekt die niet eerder of niet courant gemeten werden. Een systematische methode om ze aan te pakken, bestaat in Vlaanderen nog niet. Dus ging de OVAM op verkenning in de rest van Europa. 
Bij de aanpak van bodemverontreiniging wordt doorgaans een aantal traditionele verontreinigende stoffen gemeten, zoals minerale olie en zware metalen. Met de regelmaat van de klok ontdekt men echter ook nieuwe stoffen, de zogenaamde emerging contaminants. Voorbeelden van zulke niet courant of niet eerder gemeten stoffen in bodems, grondwater en waterbodems zijn geperfluorideerde stoffen (PFAS of PFC), toeslagstoffen zoals 1,4-dioxaan, TBA, maar ook pesticiden, cosmetica en geneesmiddelen.
Gegevens over de toxiciteit van emerging contaminants en hun gedrag in bodems, grondwater en waterbodems zijn vaak niet allemaal bekend. Ook bestaat er niet altijd een grondig uitgewerkt wettelijk en praktisch kader om de stoffen te bestrijden. Omdat ze meestal moeilijk bioafbreekbaar, mobiel en toxisch zijn, gaan ze bovendien gepaard met een aantal risico’s die onze aandacht verdienen. Zo kunnen op lange termijn drinkwatervoorraden aangetast worden door de relatief snelle verspreiding van de stoffen in het grondwater, en kan de verontreiniging zich ongecontroleerd verspreiden door het baggeren van verontreinigde waterbodem.
In Vlaanderen gebeurt de aanpak van emerging contaminants voor bodems, waterbodems en grondwater eerder sporadisch en ad hoc dan op een systematische manier. Ook in Nederland voelde men de behoefte om na te denken over een concrete werkwijze. Daarom sloegen de OVAM en het Nederlandse ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M) de handen in elkaar. Samen brachten we in kaart hoe men in de Europese landen omgaat met emerging contaminants in bodems, grondwater en waterbodems. Onze bevindingen zijn gebundeld in de inventarisatiestudie Awareness, approaches and policy of emerging contaminants in Europe.
Uit de studie komt naar voren dat er bij de Europese beleidsmakers en andere betrokken partijen nog veel onzekerheid en onduidelijkheid heerst over de huidige en de gewenste aanpak van verontreiniging met emerging contaminants in bodems, waterbodems en grondwater. Door de omvang en complexiteit van de problematiek ligt hier een uitstekende kans om met Europese partners samen te werken aan oplossingsscenario’s, in de eerste plaats door het uitwisselen en delen van kennis en expertise. De bevraagde beleidsmakers en andere betrokken partijen geven in de studie ook aan dat daar behoefte aan is.

Bron : Nieuwsbrief OVAM